Scholier helpt anderstaligen bij verbeteren Nederlandse taal

Door: Joop Van Rossem (De sleutel 18 januari 2012)
OSS - Het Osse Maasland Gilde brengt al negen jaar Nederlanders en anderstaligen bij elkaar om de Nederlandse taal en cultuur te delen. Nieuw is dat middelbare scholieren voortaan hun verplichte maatschappelijke stage kunnen vervullen via dit project, genaamd Samenspraak.
Coördinatrice Joke Pelzer van Samenspraak kwam bij toeval in aanraking met het inmiddels succesvolle project: “Ik leerde de Franse taal via het gilde en kreeg de vraag om te helpen bij het project. Intussen komen er wekelijks diverse mensen bij mij of ik bezoek hen. De meesten hebben wel een inburgeringscursus achter de rug, maar als ze eenmaal in Nederland wonen, spreken ze thuis vaak in hun eigen taal en verslechtert het Nederlands. Ons project probeert het niveau op peil te houden. We praten over van alles, waardoor hun spreekvaardigheid en woordenschat worden vergroot.”

2 03ndsb02 samenspraakbewerkta5f

Foto: Thomas Segers Titus Brandsma Lyceum

Elke middelbare scholier moet een maatschappelijke stage vervullen, wat inhoudt dat ze vrijwilligerswerk moeten doen bij een vereniging, organisatie of stichting. Roel van Koeverden van het Titus Brandsma Lyceum, afdeling gymnasium, koos voor een stage bij het Maasland Gilde. “Ik kende het werk al een beetje via mijn moeder en oma. Op de markt in het gemeentehuis kon je uit veel stages kiezen, variërend van afval opruimen, een buurtfeest organiseren of helpen bij de organisatie van de Maasdijk Marathon. Ik ben ervan overtuigd dat ik de leukste stage heb gekozen.”
Scholieren moeten hun vrijwilligerswerk twintig uur uitvoeren. Roel: “Ik heb nu ongeveer de helft voltooid. Het kost me een uur per week, maar onlangs werden we uitgenodigd bij Sandro om te komen eten en toen duurde het langer; was heel gezellig.”
Die Sandro is Sandro Chandrabalan, van oorsprong uit Sri Lanka, maar al 28 jaar woonachtig in Nederland, waarvan de laatste elf jaar in Oss. Hij vertelt: “Ik heb een inburgeringscursus doorlopen, maar de taal vind ik erg belangrijk. Ik heb nu, na 25 jaar werken in een meubelbedrijf, geen werk. Dus ik moet sollicitaties schrijven en daarvoor heb je taalkennis nodig. Ik heb wel hulp. Het is fijn dat ik het Nederlands prima kan verstaan.”
Joke Pelzer: “Er zijn nu ruim dertig vrijwilligers actief, maar aanvulling is echt gewenst. Iedereen spreekt Nederlands, het gaat om een uurtje per week, vakanties kunnen gewoon doorgaan en je hoeft echt niet perse thuis te zitten. Ik neem mensen ook wel mee op de fiets, naar de bioscoop, de stad in of we gaan een pilsje drinken in de Groene Engel. Kan allemaal als er maar Nederlands gesproken wordt. Ik kan het iedereen aanraden!”